Telos Blog

  • Investeer slimmer in duurzame energie

    Mieke Lustenhouwer 12-01-2015

     

    In het landelijk energieakkoord is na lang onderhandelen een compromis gesloten over hoe de weg naar 14% duurzame energie in 2020 in Nederland eruit kan zien. Uit de Nederlandse energiebalans blijkt dat bijna de helft van de energie op gaat aan warmtegebruik, slechts 16% aan elektriciteitsgebruik en veel restwarmte onbenut blijft Bij warmte is derhalve meer winst te halen.

    Dit kan vooral door meer efficiëntie via slimme warmteverbindingen en door het gebruik van nieuwe opslagmethoden. Warmte is in principe slechts over relatief korte afstanden transporteerbaar. Daarom liggen decentrale opslagvoorzieningen en lokale verbindingen het meest voor de hand.

    Uitgangspunt bij investeringen in duurzame energie moet zijn dat te nemen maatregelen bijdragen aan energiebesparing en onafhankelijk van de beleidskeuzen altijd van nut blijven (no-regret). Zo is bij energievoorziening gebaseerd op bioreststromen de brandstof eenvoudig om te schakelen naar fossiele brandstoffen, zonder verlies aan investeringen.

    Over grootschalige windparken op zee is nogal wat discussie ontstaan vanwege de kosten en rendement hiervan: 5 miljard investeringen is nogal wat. Natuurlijk kunnen door veranderende omstandigheden en voortschrijdende inzicht investeringsbeslissingen heroverwogen worden, ook die van de windmolens op zee.. Wel dient bij een dergelijke heroverweging het gewenste doel, 14% duurzame energie, voorop te blijven staan en gelijk een alternatief geboden te worden!

    Windmolens kunnen uiteindelijk slechts een beperkt deel van de elektriciteitsbehoefte opleveren en daardoor een beperkte bijdrage aan de vergroening van het energiesysteem. Om de technologie verder te ontwikkelen en de kosteneffectiviteit te verbeteren is beperkt (bijvoorbeeld 1miljard euro) investeren in een windpark desondanks uit energetisch oogpunt te verdedigen. Er is dan 4 miljard beschikbaar voor andere minder omstreden energiemaatregelen met een hoger energetisch rendement (bijvoorbeeld huizen isoleren).

    Wij pleiten er daarnaast voor om energiebesparing in de bestaande industrie (grootverbruikers) te faciliteren en met een aanvullend convenant te stimuleren. Dit is in het energieakkoord een vergeten groep. Het grote voordeel daarvan is dat tegelijkertijd de milieubelasting die gepaard gaat met de energieopwekking (stikstofdepositie en fijn stof) verminderd wordt. Dit was reeds een van de hoofdconclusies van het door Telos georganiseerde fijn stof congres in 2011. Dit is ondanks herhaalde verzoeken van de industrie tot nu toe geen beleid geworden.

    Tenslotte zal een dergelijke verbreding van het beleid het draagvlak onder het landelijke energieakkoord versterken en het halen van de 14% duurzame energie in 2020 alsnog mogelijk maken.

    Wim Konz en Han van Kasteren, beiden verbonden aan Telos, Brabants centrum voor duurzame ontwikkeling, Tilburg